5 handige tips voor een natuurinclusieve tuin
9 april '26
De lente is duidelijk begonnen! Kies je voor wonen in De Wende, dan kies je voor wonen met een tuin. Een droom voor velen, die hier misschien wel werkelijkheid wordt. Wist je dat je met die tuin ook een bijdrage kunt leveren aan de leefbaarheid van de buurt, én de flora en fauna? Zonder dat het meer werk en onderhoud vraagt. Wij helpen je op weg!
Een verlengstuk van de natuur
Een natuurinclusieve tuin is een tuin waarin groen de boventoon voert. Zie het als een verlengstuk van de natuur. Dat ziet er niet alleen mooi uit, het is ook hard nodig. Het klimaat verandert en het weer is minder stabiel. Hoe creëer jij nou zo’n tuin? Aan welke aanpassingen moet je denken? Wij delen in 5 tips de basiskennis van natuurinclusief tuinieren.
1. Meer groen, minder steen
De hoofdregel: zo min mogelijk tegels. Vaak wordt gedacht dat tegels onderhoudsarm zijn, maar dat valt in de realiteit tegen. Onkruid komt er toch doorheen, na een flinke regenbui staat je tuin onder water en op een zomerse dag wordt het bloedheet. Natuurlijk is een stenen terras of looppad prima, maar houd het zo beperkt mogelijk. De overige meters? Overweeg grasvervangers zoals vetmuur, loopkamille of lieve-vrouwe-bedstro. Deze alternatieven trekken veel insecten aan. Nog veel meer dan gewoon gras.
2. Levendige erfafscheidingen
Een stapje terug. Naast de inrichting van je tuin, is ook de omheining van wezenlijk belang. Ook hier geldt: hoe levendiger, hoe beter. Dus kies liever hagen en struiken in plaats van houten schuttingen. Levendige erfafscheidingen bieden schuilplaatsen, nestelplaatsen en voedsel aan veel soorten vogels en insecten. Daarnaast helpen ze bij de verkoeling van de tuinen en dragen ze bij aan de waterhuishouding. Als dit geen optie is in verband met de buren, kies je bijvoorbeeld voor een klimop, blauwe regen of klimhortensia tegen jouw kant van de schutting.
3. Jouw tuin in bloei
Planten geven je tuin sfeer en kleur. Ga voor vaste planten die goed gedijen bij de grondsoort van jouw tuin en houd rekening met de hoeveelheid licht en vocht. Die ene allerbeste plant bestaat niet, ideaal is juist biodiverse beplanting. Want naast sfeer creëer je daarmee ook een walhalla voor insect en dier. Met de juiste beplanting die verschillende seizoenen bloeit, bied jij o.a. vogels, vlinders en bijen de nodige voedsel.
4. Rommelig is goed
Een natuurinclusieve tuin ruim je vooral niet te veel op, want afgevallen bladeren en takjes zijn een zegen voor de natuur. Zo isoleren ze de grond tijdens strenge winters en bieden ze een schuil- en nestplaats voor dieren. Nog zoiets: onkruid bestaat niet. Het zijn ook gewoon planten, alleen komen ze spontaan kijken. Het werk van Moeder Natuur. Vaak hebben ze juist een nuttige functie of zelfs geneeskrachtige eigenschappen. Lees je eerst in voor je wilde planten eruit trekt. En als je het doet, doe het vriendelijk. Gebruik een onkruidbrander in plaats van gif.
5. Water voor later
Wij Nederlanders zijn wel een regenbuitje gewend. Toch is de uitdaging voor waterafvoer- en opslag door de klimaatverandering groter geworden. Want meer heftige regen en meer hitte - en dus droogte - vraagt om slimme aanpassingen. Over de afvoer hebben we het al gehad, maar ook de opslag is een puntje van aandacht. Als alternatief op de dure ingegraven watertank kun je denken aan een regenton. Dit is een duurzame en kostenbesparende oplossing om planten te bewateren en bijvoorbeeld het terras schoon te maken. Win-win!